Bierbrouw recepten uitgelegd

Hier vind je de Brouwpunt bierrecepten om zelf te brouwen. Ze staan straks overzichtelijk bij elkaar op één pagina, zodat je makkelijk een recept kunt uitkiezen dat past bij jouw smaak en brouwervaring. Elk recept is opgebouwd met duidelijke ingrediënten, heldere stappen en praktische aandachtspunten, zodat je weet wat je kunt verwachten in de ketel en in het gistvat. Van fris en doordrinkbaar tot vol en moutig, je vindt hier recepten die je direct kunt volgen en waar je later je eigen draai aan kunt geven. Deze Brouwpunt recepten kun je ook terugvinden in de Brouwpunt brouwwinkel. Zo kun je tijdens het lezen meteen alles erbij pakken wat je nodig hebt.

Wat betekenen alle afkortingen in een bierrecept

In elk bierbrouw recept kom je een aantal vaste waardes tegen. Die cijfers geven je in één oogopslag een beeld van het bier dat je gaat brouwen: hoe donker het wordt, hoe bitter het is, hoeveel alcohol je ongeveer kunt verwachten en hoe zwaar het wort is voor en na de vergisting. Ze helpen je ook om recepten onderling te vergelijken en om gericht aanpassingen te doen, bijvoorbeeld iets bitterder, lichter van kleur of juist voller van body. Hieronder leggen we de meest gebruikte waardes uit, zoals EBC, IBU en SG, en wat je er in de praktijk mee kunt tijdens het brouwen.

In onze bierbrouw recepten zie je vaak een set vaste waardes. Hieronder staat wat ze betekenen en waar je ze in de praktijk voor gebruikt.

Waarde Wat betekent het Waar gebruik je het voor
EBC De kleur van het bier. Helpt inschatten of je bier licht, amber of donker wordt.
IBU De bitterheid, vooral afkomstig van hopgiften tijdens het koken. Vergelijken van recepten en bepalen of het bier mild of stevig bitter wordt.
SG Soortelijk gewicht, het suikergehalte in oplossing. Meten van zwaarte, volgen van verloop van de vergisting en controleren of je op schema zit.
OG Begin SG, gemeten vlak voordat je gist toevoegt. Uitgangspunt voor alcoholberekening en het inschatten van de zwaarte van je wort.
FG Eind SG, gemeten als de vergisting klaar is. Controle of de vergisting klaar is en indicatie van droogte, body en restsuikers.
ABV Alcoholpercentage, berekend op basis van OG en FG. Inschatten van de sterkte van het bier en vergelijken met de beoogde stijl.
Rendement Hoe efficiënt je suikers uit mout haalt. Verklaart waarom je OG hoger of lager uitvalt en helpt bij bijstellen van je recept of werkwijze.
Volume Hoeveel bier je wilt overhouden in gistvat of na bottelen. Recept opschalen en bepalen hoeveel water, mout en hop je nodig hebt.
Kooktijd Hoe lang je wort kookt. Beïnvloedt bitterheid, verdamping en concentratie van het wort.
Maischtemperatuur De temperatuur of stappen waarop je maischt. Stuurt vergistbaarheid en mondgevoel, lager geeft vaak droger, hoger geeft vaak meer body.
Vergistingstemperatuur De temperatuur waarbij je vergist. Grote invloed op smaak en geur, helpt bij het kiezen van de juiste plek of temperatuurregeling.
Vergistingsduur Richtlijn voor hoe lang het bier in het gistvat blijft. Planning, maar altijd controleren met een stabiel SG voordat je bottelt.
CO2 niveau De gewenste koolzuurprikkeling. Helpt bepalen hoeveel bottelsuiker je nodig hebt voor het gewenste mondgevoel.

Tip: Zie je OG, FG en ABV bij een recept, dan kun je snel inschatten hoe zwaar en hoe droog het bier ongeveer wordt.

Geen tijd om zelf een recept samen te stellen? Bekijk onze bierbrouw pakketten

Stel je bier recept samen in Brouwsoftware

Brouwsoftware is handig als je net wat meer grip wilt op je brouwdag en je recepten. Je zet er je moutstort, hopgiften en maischstappen in, rekent snel door wat een aanpassing doet met SG, IBU en EBC, en je houdt overzicht in je planning van koken tot vergisting. Dat is prettig als je vaker hetzelfde bier wilt nabrouwen, maar ook als je juist graag experimenteert en precies wilt weten wat je verandert. In deze sectie laten we zien wat brouwsoftware voor je kan doen, welke functies echt nuttig zijn en hoe je er een recept mee opbouwt zonder dat het ingewikkeld wordt.

Brouwhulp

Brouwhulp - Brouwsoftware

Brouwhulp is snel en overzichtelijk voor receptberekening, maar de interface is wat ouder en je mist vaak modern cloudgemak.

Meer over Brouwhulp

BeerSmith

BeerSmith app - Brouwsoftware

BeerSmith is het best in diep finetunen en exacte berekeningen, maar voelt sneller druk en vraagt wat leercurve bij de start.

Meer over BeerSmith

Brewfather

Stap 4 Brewfather app

Brewfather is sterk in gebruiksgemak en overal werken via app en web, maar is iets minder diep voor niche instellingen.

Meer over Brewfather

Grainfather

Grainfather app stap 2

Grainfather is ideaal door de koppeling met hun apparatuur en brouwdag begeleiding, maar is minder handig zonder Grainfather setup.

Meer over Grainfather

Klaar om zelf bier te brouwen?

Als je een bierbrouw recept gaat nabrouwen, lijkt veel apparatuur in eerste instantie op elkaar. In de praktijk merk je juist bij recepten dat je tools het verschil maken in controle, kwaliteit en een stabiele vergisting. Met een goede basis werk je schoner, meet je nauwkeuriger en kun je bijsturen als je waardes afwijken van het recept.

Op deze brouwapparatuur hub vind je overzicht en uitleg van wat je nodig hebt om recepten consistent te brouwen. Denk aan je brouwketel en warmtebron, snel koelen na het koken, een passend vergistingsvat, meten met hydrometer of refractometer en vooral reinigen en desinfecteren voor een zuivere vergisting. Zo haal je makkelijker je beoogde OG en FG en komt smaak en balans beter overeen met het recept.

Wil je alle stappen rondom onze recepten in één duidelijke route volgen? Bekijk dan ook Zelf bier brouwen voor het complete proces van schroten tot bottelen, inclusief praktische tips om je vergisting en metingen beter te sturen.

Wil je liever starten met een set die meteen klopt bij je eerste recepten? In de Bierbrouw pakket gids zie je welke basis je nodig hebt en welk pakket daarbij past, zodat je direct kunt focussen op brouwen, meten en proeven.

Bierbrouw ingrediëntenpakket

Heb je alle brouwbenodigdheden al en wil je alleen een recept van Brouwpunt brouwen, dan kan je ook alleen een ingredientenpakket bestellen en zelf thuis aan het brouwen gaan!

Bekijk de verdiepende pagina’s over zelf bier brouwen

veelgestelde vragen

FAQ

Een recept is altijd geschreven voor een bepaald eindvolume, bijvoorbeeld 10, 20 of 25 liter in het gistvat. Als jij een ander volume brouwt, moet je het recept schalen. Dat betekent niet alleen meer of minder mout, maar ook een andere hopgift en soms een andere hoeveelheid gist. Kijk eerst naar het doelvolume in het gistvat en naar het verwachte OG. Pas daarna de moutstort aan zodat je hetzelfde OG haalt. Voor hop geldt dat bitterheid afhangt van alfazuur, kooktijd en wortzwaarte. Als je alleen alles lineair verdubbelt, kan je IBU net anders uitkomen, vooral bij heel hoppige bieren. Gebruik daarom bij voorkeur een brouwsoftware of rekenhulp om IBU en OG netjes mee te laten schalen. Controleer ook je waterverliezen: verdamping tijdens koken, verlies in de hopresten en trub, en dode ruimte in je ketel. Als die verliezen bij jou anders zijn dan bij de schrijver van het recept, dan klopt je eindvolume anders en ga je naast je waardes zitten.

Een lager OG komt meestal door een lager rendement dan het recept aanneemt. De meest voorkomende oorzaken zijn: te grof geschrote mout, een te korte of te koude maisch, onvoldoende spoelen, of veel verlies doordat je meer wort achterlaat dan gepland. Begin met de basis: controleer je schroot, want daar zit vaak het grootste verschil. Daarna: meet je maischtemperatuur op meerdere plekken, want 2 graden verschil kan al invloed hebben op vergistbaarheid en opbrengst. Ook kan je pH meespelen, vooral bij lichte bieren met veel pilsmout. In de praktijk los je een lage OG op door óf langer door te spoelen (tot je het geplande kookvolume hebt) óf langer in te koken zodat je wort concentreert. Let wel op dat langer koken de bitterheid iets kan verhogen en je volume verlaagt. Voor de volgende brouwdag is het slim om je rendement te noteren en je recept daarop aan te passen, zodat je niet elke keer hoeft te redden tijdens het brouwen.

Vergistingsduur in een recept is een richtlijn, geen garantie. De enige betrouwbare controle is een stabiel SG. Meet het SG bijvoorbeeld op dag 7 en nogmaals na 2 dagen. Als het SG gelijk blijft en je zit in de buurt van het verwachte FG, dan is de vergisting in de regel klaar. Let ook op temperatuur: een te koude vergisting kan ervoor zorgen dat de gist eerder “stilvalt” terwijl er nog vergistbare suikers zijn. In dat geval kan je het vat een paar graden warmer zetten en zachtjes walsen om de gist weer in suspensie te krijgen. Bottel nooit op basis van bubbels in het waterslot, want dat zegt vooral iets over drukverschillen en lekken. Te vroeg bottelen geeft risico op overcarbonatie en gushing. Neem dus de tijd, meet, en bottel pas als je SG stabiel is en je bier rustig oogt.

Het gewenste CO2 niveau hangt samen met bierstijl, temperatuur en hoeveel CO2 al in je bier zit na de vergisting. Als je bier koud staat, bevat het al meer opgelost CO2 dan wanneer het warm staat. Daarom rekent een goede bottelsuiker berekening altijd met de botteltemperatuur. Recepten noemen soms “6 g per liter”, maar dat is een grove vuistregel. Voor een weizen wil je vaak hoger carboniseren dan voor een stout. Gebruik daarom het CO2 niveau uit het recept en reken om naar suiker op basis van je botteltemperatuur en suikertype. Dextrose en gewone kristalsuiker geven net een andere opbrengst. Meng de suiker altijd eerst in een kleine hoeveelheid gekookt water, laat afkoelen, en roer dit rustig door je bier in een bottelvat. Zo verdeel je het gelijkmatig en voorkom je grote verschillen per fles.

Ja, maar doe het bewust. Vervang je een basismout, dan verandert vooral de basis van het bier: kleur, moutigheid en soms schuim. Vervang je speciale mouten, dan kan het karakter sneller kantelen, zeker bij donkere mouten. Bij hop is de belangrijkste regel: vervang op alfazuur en aroma. Een bitterhop vervang je op basis van alfazuur en kookgift, zodat je IBU ongeveer gelijk blijft. Aroma hoppen vervang je op basis van geurprofiel: citrus, tropisch, kruidig, bloemig, harsig. Houd rekening met vergisting: de gist is vaak de “stijlmaker”. Een andere gist kan dezelfde stort en hop compleet anders laten smaken. Als je wilt tweaken, verander dan bij voorkeur één ding per keer. Zo leer je wat het effect is en kun je jouw eigen versie van het recept stap voor stap verfijnen zonder dat je alles tegelijk omgooit.